DRONTEN - De gemeenteraad is onlangs akkoord gegaan met een aantal uitgaven voor dit jaar in het kader van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo). Ofschoon nut en noodzaak van die uitgaven niet werden betwist, was het toch schoorvoetend. Want het voorstel bereikte de gemeenteraad pas in januari, op een moment dat het niet meer aan te passen was. Dat zorgde politiek wel voor wat chagrijn.
Het gaat om uitgaven die worden gedaan voor de meest kwetsbare groep inwoners die ondersteuning nodig hebben van de gemeente. Er worden voorzieningen mee betaald op het gebied van begeleid wonen voor jongeren die dat nodig hebben, verslavingspreventie, inloopvoorzieningen op het gebied van geestelijke gezondheidszorg en de Wachtverzachter, waarbij mensen die op de wachtlijst staan voor psychische hulp door ervaringsdeskundigen worden begeleid tot de hulp beschikbaar komt.
Het zijn projecten die niet ter discussie staan en ook al langere tijd lopen in Dronten. Het huidige beleid is ingezet in 2021, er zijn wat projecten bijgekomen, maar bij de meeste projecten gaat het om voortzetting van reeds ingezet beleid. “Inwoners hebben vaak al een lang traject achter de rug voordat ze een beroep doen op zorg. Daarom is het belangrijk dat zij kunnen rekenen op continuïteit van de zorg,” vindt Coletta Dorenbos (CDA).
De pijn zit ‘m in het moment waarmee het college hiermee naar de gemeenteraad komt. In 2021 is er financiering afgesproken voor deze projecten tot en met 2025. Voor 2026 is dat toen nog niet gebeurd, omdat er op dat moment onvoldoende zicht was op de doordecentralisatie van de Wmo vanuit het Rijk naar de gemeente en welk bedrag daarvoor beschikbaar zou komen. Wel is er in de tussentijd een ‘bestemmingsreserve zorglandschap’ gevormd.
De voor dit jaar voorgestelde projecten hebben een prijskaartje van ruim 900.000 euro. Het college stelt voor dat uit die reserve te betalen. Daar zit ook genoeg in. Maar doordat het gaat om lopende projecten, die nu niet meer kunnen worden stopgezet, voelde de gemeenteraad zich wel met de rug tegen de muur staan. Het college stelde in haar voorstel dat het stopzetten van projecten nu juridische en daarmee ook financiële consequenties zou kunnen hebben. De organisaties hebben er namelijk al op gerekend dat ze doorgaan.
Dat zint een groot deel van de gemeenteraad niet. “We worden nu voor een voldongen feit geplaatst. Om nu te beslissen over subsidies die al zijn verstrekt of toegezegd, voelt niet goed. We willen onze rol als gemeenteraad serieus nemen en kunnen toetsen of het ingezette beleid ook tot de gewenste resultaten heeft geleid. Dat kan nu niet meer,” zei Jan Ammerlaan (Leefbaar Dronten) bij de behandeling van dit onderwerp in de gemeenteraad.
Wethouder Peter Duvekot gaf toe dat dit beter was geweest. Maar door de onduidelijkheid over de financiering en een gebrek aan ambtelijke capaciteit is dit niet gebeurd. “Mooier kan ik het niet maken.”
Vijf gemeenteraadspartijen dienden daarom, onder aanvoering van Leefbaar Dronten, een voorstel in om het college te vragen wel het tweede kwartaal met een evaluatie van de projecten naar de gemeenteraad te komen. Aan het einde van het jaar moet worden besloten hoe het zorglandschap er volgend jaar uit gaat zien en welke projecten dan wel en welke niet kunnen worden gesteund. Dan moeten ook de maatschappelijke effecten van de projecten kunnen worden getoetst, en de gemeenteraad wil daar de tijd voor hebben.
Duvekot omarmde het voorstel, maar zei wel moeite te hebben met het tweede kwartaal als deadline voor de evaluatie. “Ik ben bang dat we dat niet gaan halen, domweg vanwege het gebrek aan ambtelijke capaciteit.” “Voor ons is dat wel een harde voorwaarde. Maar als het niet lukt horen we dat dan wel weer, ” reageerde Ammerlaan. Zowel het bestedingsplan voor dit jaar als het voorstel van Leefbaar Dronten werden daarna unaniem aangenomen.